Alle geslaagden zijn geschikt: Cie. Warries; Hofstee 1976

Afbeelding: Anneke Huisman & Johan Koppenol (1991). Daer compt de Lotery met trommels en trompetten! Loterijen in de Nederlanden tot 1726. Uitgeverij Verloren

de Lotery

Cie. Warries – Hofstee 1976

Folia Civitatis 10 april 1976



Vooraf, bw

  • Argumenten van 45 jaar geleden kunnen nog steeds actuele waarde hebben. Daarom dit artikel uit Folia maar eens uit de vergetelheid gerukt (nee, beste Andreas Schleicher, het internet weet echt niet alles. Maar ik werk er dagelijks aan om dat te verbeteren). Meteen na de kamerbreed aangenomen gewogen loting om schaarse plaatsen bij studentstops toch zo eerlijk mogelijk te verdelen, werd er al weer aan die loting gerammeld. Er kwam dus al snel een commissie, de Cie Warries. Met daarin o.a. (universitaire) onderwijsonderzoekers ( Warries, Meuwese, Hazewinkel), een psycholoog (Hofstee), een tegenstander van loten (Bakker, die zich altijd als prof. biologie Leiden afficheerde, en in 1974 in de NRC een storm van ingezonden brieven losmaakte met kritiek op Wilbrink & Van der Vleugel, verwoording van het standpunt van gezamenlijke onderwijsresearchbureaus CRWO waartoe ook Meuwese en Hazewinkel behoorden) en nog enkele leden die ik niet kan plaatsen, waarschijnlijk uit vwo en hbo afkomstig). In de Folia van 10 april 1976 staat een uitstekend verslag van een tussenadvies van de Cie Warries, en vooral van het minderheidsstandpunt dat Hofstee innam. De positie van Hofstee is interessant: hij kiest als expert ook een sterk politieke standpunt (door de koningin benoemd: als hoogleraar heb je een onafhankelijke positie). Prof. Bakker voerde ook politieke actie, maar zijn biologische expertise had daar niets mee te maken, daar vind ik dan wèl weer iets van. Oké. [De belangrijkste uitspraken. Het artikel is niet online beschikbaar. Voor volledige transcriptie: mail mij]



Johan Kortenray & Marien Abrahamse (10 april 1976). Selectiecommissie wil voor scholieren met acht of hoger rechtstreekse toelating. Commissielid prof. Hofstee pleit in minderheidsstandpunt voor handhaving loting. Folia 29 pagina 3


Studenten die op hun eindexamenlijst gemiddeld een acht of meer scoren, moeten met ingang van het studiejaar 1977-1978 rechtstreeks worden toegelaten tot de studierichting van hun eerste voorkeur. Voorts zouden uitgelote studenten, die de propedeuse van een studie van hun tweede of derde keuze hebben gehaald, bij een tweede poging een grotere kans op inloting in de studie van hun éérste voorkeur moeten krijgen. Dit zijn de voornaamste aanbevelingen uit het advies [een tussenadvies; het eindadvies is handhaving van de gewogen loting. BW] van de Commissie toelatingscriteria wetenschappelijk onderwijs, de commissie-Warries, dat vorige week verscheen. Een advies dat overigens niet, door alle leden van de commissie ondersteund wordt. Prof. W. K. B. Hofstee, hoogleraar psychologie in Groningen pleit vooralsnog voor het handhaven van een gewone loting voor iedereen. Curieus aspect daarbij is, dat in het rapport van de commissie-Warries met geen woord over Hofstee’s wijkende opvatting wordt gerept.


(….)


toelatingsexamen

Het plan dat staatssecretaris Klein aan de commissie ter advies heeft voorgelegd ter ondervanging van de meermalige uitloting — 80% van de plaatsen in een numerus-fixus richting zou verdeeld moeten worden door middel van een éénmalige loting, terwijl de overige 20% via een landelijke toets verdeeld zou moeten wordenover hen die bij de eerste keer niet toegelaten konden worden — vindt de commissie niet geslaagd.

“Herkansing via een landelijke toets zou te sterk het karakter van een vergelijkend toelatingsexamen hebben”, hetgeen bezwaarlijk is, omdat de uitgelotenen allemaal al hetzelfde einddiploma van het VWO hebben, dat eigenlijk reeds toegang tot de universiteit verschaft. Men verwacht ook een cumulatief effect, in die zin, dat de normen van de landelijke toets steeds hoger zullen worden, omdat steeds meer mensen aangewezen raken op deze “tweede kans”.


(….)


jan of piet

In de commissie Warries neemt prof. dr. W. K. B. Hofstee een minderheidsstandpunt in. De commissie gaat er volgens hem vanuit, dat het voor iemand met een acht gemiddeld erger is om niet bijv. medicijnen te mogen studeren dan voor iemand met een 6. (….) Een van de centrale leeropstellingen van de economie is: de onmogelijkheid van interpersonale nutsvergelijking. Er is met andere woorden geen grond voor de uitspraak dat iets erger is voor Jan dan voor Piet.”

Hofstee: (…) “Studierichtingen met een numerus fixus trekken bijna per definitie niet de meest intelligente studenten aan. De echte “whiz kids” gaan, zo blijkt uit door mij zelf verricht onderzoek, wis- en natuurkunde studeren, en niet medicijnen. Als een studierichting dus echt moeilijk is, blijkt het capaciteitsprobleem door zelfselectie al bij voorbaat te worden opgelost. Omgekeerd ontstaan de capaciteitsproblemen vooral in die studierichtingen die voornamelijk door middelmatige studenten worden geambieerd. Scherpe selectie voor fixusrichtingen leidt er toe dat studierichtingen worden volgestopt met breinbaasjes en bazinnetjes die daar door de bank genomen niet in thuishoren. Het Nederlandse talent moet niet bij uitstek worden geconcentreerd in die studierichtingen die hun populariteit in de laatste plaats te danken hebben aan de overweging dat ze talent zouden vereisen.”


(….)

Hofstee gaat er van uit dat de motieven om dergelijke studierichtingen (bijv. medicijnen) te kiezen eerder in het economische vlak dan in het vlak van roeping of iets soortgelijks moois liggen: “Ik wil nog zien dat iemand mij dat uit het hoofd praat; ik heb nooit gehoord dat mensen die voor dokter werden uitgeloot vervolgens broeder of verpleegster werden. En op politieke gronden weiger ik mee te werken aan de sanctionering, laat staan de loutering van dit economisch motief. Ik ben niet voor loting omdat ik geen verschillen in intellectueel niveau zou erkennen. Ik zou juist willen stellen dat het intellectueel waardenstelsel wordt bedreigd wanneer het zich via selectiemaatregelen verder laat encanailleren met het economisch motief!”

Eerder

Alle geslaagden zijn geschikt: gewogen loting in 1994 https://benwilbrink.wordpress.com/2021/02/11/alle-geslaagden-zijn-geschikt-gewogen-loting-in-1994/

Alle geslaagden zijn geschikt 1. Constanten in het debat https://benwilbrink.wordpress.com/2021/01/09/alle-geslaagden-zijn-geschikt-1-constanten-in-het-debat/

Alle geslaagden zijn geschikt — maar sommige geslaagden zijn meer geschikt dan andere’ https://benwilbrink.wordpress.com/2020/12/28/alle-geslaagden-zijn-geschikt-maar-sommige-geslaagden-zijn-meer-geschikt-dan-andere/

One thought on “Alle geslaagden zijn geschikt: Cie. Warries; Hofstee 1976

  1. Pingback: Alle geslaagden zijn geschikt; ho ho zegt Cie-Warries 1976 tussenadvies | Fair schooling & assessment

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s